Beleggingswiki

Op deze pagina vind je begrijpelijke uitleg van veelgebruikte beleggingsbegrippen. Handig als je tijdens het lezen van een analyse, les of artikel snel wilt opzoeken wat iets betekent. Klik op een begrip om de uitleg open te klappen.

Voor beginners Begrippen zoals aandeel, ETF, broker en dividend worden eenvoudig uitgelegd.
Voor verdieping Je klikt direct door naar je uitgebreidere artikelen als die al bestaan.
Flexibel opgebouwd Bestaande hoofdartikelen en nieuwe begrippen kunnen samen in dezelfde wiki staan.
A

A

Begrippen met de letter A

Aandeel Een stukje eigendom van een bedrijf.
+

Een aandeel is een klein stukje eigendom van een onderneming. Als je een aandeel koopt, word je mede-eigenaar van dat bedrijf. Je rendement kan komen uit koersstijging en soms uit dividend.

Voor beginnende beleggers is het vooral belangrijk om te begrijpen dat je niet zomaar een ticker koopt, maar een echt bedrijf met kansen, risico’s en een eigen bedrijfsmodel.

Aandeleninkoop Wanneer een bedrijf zijn eigen aandelen terugkoopt.
+

Bij aandeleninkoop koopt een bedrijf zijn eigen aandelen terug op de beurs. Daardoor daalt vaak het aantal uitstaande aandelen.

Dat kan gunstig zijn voor bestaande aandeelhouders, omdat de winst dan over minder aandelen wordt verdeeld. Aandeleninkoop is vooral interessant als een bedrijf dat op een verstandige prijs doet.

Actief fonds Een fonds waarbij een beheerder probeert de markt te verslaan.
+

Een actief fonds wordt beheerd door mensen die zelf keuzes maken over welke beleggingen wel of niet in het fonds komen. Het doel is meestal om beter te presteren dan een index.

Daar staan vaak hogere kosten tegenover. Daarom is het belangrijk om niet alleen naar rendement te kijken, maar ook naar kosten, stijl en consistentie.

Allocatie De verdeling van je geld over verschillende beleggingen.
+

Allocatie betekent hoe je je vermogen verdeelt, bijvoorbeeld over aandelen, obligaties, cash of ETF’s. Die verdeling heeft veel invloed op risico en rendement.

Voor veel beleggers is de allocatie belangrijker dan het perfecte aandeel kiezen. Eerst de grote lijnen goed zetten levert vaak meer op dan eindeloos finetunen.

B

B

Begrippen met de letter B

Bear market Een langere periode waarin koersen flink dalen.
+

Een bear market is een periode waarin de beurs langere tijd daalt en het sentiment negatief is. Beleggers worden dan vaak voorzichtiger of somberder.

Voor langetermijnbeleggers hoort dit erbij. Juist in zulke periodes wordt duidelijk of je strategie stevig genoeg is om emoties te weerstaan.

Beleggingshorizon De periode waarvoor je je geld wilt beleggen.
+

De beleggingshorizon is de tijd waarvoor je je geld kunt missen. Iemand die over 20 jaar pas bij zijn geld hoeft, kan meestal meer risico nemen dan iemand die het over 2 jaar nodig heeft.

Je horizon bepaalt dus voor een groot deel welke beleggingen bij je passen.

Beta Een maatstaf voor hoe beweeglijk een aandeel is ten opzichte van de markt.
+

Beta laat zien hoe sterk een aandeel meestal meebeweegt met de bredere markt. Een beta van 1 betekent ongeveer even beweeglijk als de markt. Boven 1 is vaak beweeglijker, onder 1 vaak rustiger.

Beta zegt iets over koersschommelingen, maar niet automatisch over kwaliteit of waardering.

Boekwaarde De boekhoudkundige waarde van een bedrijf volgens de balans.
+

Boekwaarde is de waarde van de bezittingen min de schulden volgens de balans van een bedrijf. Het is dus een boekhoudkundige maatstaf, geen directe marktwaarde.

Bij sommige sectoren, zoals banken of verzekeraars, wordt boekwaarde vaker gebruikt dan bij softwarebedrijven of sterke merken.

Box 3 De Nederlandse belastingbox voor vermogen.
+

Box 3 is in Nederland de belastingbox waarin spaargeld en beleggingen meestal vallen. Je betaalt daar belasting over je vermogen volgens de regels die op dat moment gelden.

Voor beleggers is dit belangrijk, omdat het invloed heeft op het netto rendement dat je uiteindelijk overhoudt.

Broker Het platform waarmee je belegt.
+

Een broker is de partij via wie je aandelen, ETF’s of andere beleggingen koopt en verkoopt. Via een broker open je een beleggingsrekening en leg je orders in.

Belangrijke verschillen tussen brokers zitten vaak in kosten, gebruiksgemak, productaanbod en fiscale afhandeling. Daarom loont het om hier goed naar te kijken.

Bull market Een periode waarin koersen over langere tijd stijgen.
+

Een bull market is een periode waarin aandelenmarkten langere tijd stijgen en beleggers optimistisch zijn. In zulke fases lijkt beleggen vaak makkelijk.

Juist dan is het belangrijk om niet te veel risico te nemen of te gaan jagen op hype-aandelen.

C

C

Begrippen met de letter C

Cashflow Het geld dat daadwerkelijk een bedrijf in- en uitgaat.
+

Cashflow gaat over echte geldstromen. Dat is iets anders dan winst, want winst is deels een boekhoudkundig begrip.

Beleggers kijken vaak naar cashflow omdat het laat zien hoeveel financiële ruimte een bedrijf echt heeft voor investeringen, dividend of schuldafbouw.

Compounden Rendement op eerder rendement.
+

Compounden betekent dat je rendement maakt op eerder opgebouwd rendement. Dat heet ook wel rente-op-rente of rendement-op-rendement.

Juist daardoor kan vermogen op lange termijn hard groeien. Tijd is daarbij vaak belangrijker dan snelheid.

Correctie Een tijdelijke daling van de beurs of een aandeel.
+

Een correctie is een daling van koersen na een eerdere stijging. Zo’n terugval hoort bij beleggen en betekent niet automatisch dat er iets fundamenteel mis is.

Voor langetermijnbeleggers is het vaak verstandiger om een correctie te zien als normaal onderdeel van de markt in plaats van als reden voor paniek.

D

D

Begrippen met de letter D

Defensief aandeel Een aandeel van een bedrijf dat vaak relatief stabiel is.
+

Een defensief aandeel hoort meestal bij een bedrijf waarvan producten of diensten ook in zwakkere tijden nodig blijven, zoals voeding, zorg of nutsbedrijven.

Defensief betekent niet risicoloos, maar vaak wel minder gevoelig voor economische schommelingen dan cyclische bedrijven.

Dividend Winstuitkering aan aandeelhouders.
+

Dividend is een deel van de winst dat een bedrijf uitkeert aan aandeelhouders. Niet ieder bedrijf doet dit. Sommige ondernemingen investeren hun winst liever opnieuw in groei.

Dividend kan aantrekkelijk zijn als je waarde hecht aan stabiel inkomen, maar een hoog dividend alleen maakt een aandeel nog niet automatisch goed of veilig.

Verder lezen: Dividend & inkomen
Dividendrendement Het jaarlijkse dividend als percentage van de koers.
+

Dividendrendement laat zien hoeveel dividend een aandeel uitkeert ten opzichte van de huidige beurskoers. Het is dus een percentage.

Een hoog dividendrendement kan aantrekkelijk lijken, maar soms is het juist een waarschuwing dat de markt twijfelt aan de houdbaarheid van het dividend.

Diversificatie Risico spreiden over meerdere beleggingen.
+

Diversificatie betekent dat je niet alles op één aandeel, sector of regio zet. Door te spreiden verklein je het risico dat één verkeerde keuze je hele portefeuille raakt.

Spreiding beschermt je niet tegen alle dalingen, maar maakt je portefeuille meestal wel robuuster.

Drawdown De daling vanaf een eerdere piek in waarde.
+

Een drawdown laat zien hoeveel een belegging of portefeuille is gedaald vanaf het hoogste punt. Dat helpt om risico tastbaarder te maken.

Veel beleggers onderschatten van tevoren hoe vervelend een forse drawdown in de praktijk voelt.

E

E

Begrippen met de letter E

EBIT Winst vóór rente en belasting.
+

EBIT staat voor Earnings Before Interest and Taxes. Het is een winstmaatstaf die laat zien wat een bedrijf verdient uit de gewone bedrijfsvoering, vóór financieringskosten en belasting.

Daardoor kun je bedrijven soms beter vergelijken, zeker als ze verschillende schulden of belastingstructuren hebben.

EBITDA Winst vóór rente, belasting, afschrijvingen en amortisatie.
+

EBITDA is een veelgebruikte maatstaf om de operationele winstkracht van een bedrijf te bekijken. Het haalt een aantal boekhoudkundige en financieringseffecten eruit.

Handig voor vergelijking, maar geen perfecte maatstaf. Een bedrijf betaalt uiteindelijk wél rente, belasting en investeringen.

Emerging markets Opkomende markten zoals India, Brazilië of Indonesië.
+

Emerging markets zijn landen met groeiende economieën die nog minder volwassen zijn dan ontwikkelde markten. Ze bieden vaak meer groeipotentieel, maar ook meer risico.

Denk aan politieke risico’s, wisselkoersen en minder stabiele markten.

ETF Een beursfonds dat vaak een index volgt.
+

Een ETF is een beursgenoteerd fonds dat meestal een index, sector of mandje beleggingen volgt. Daarmee kun je in één keer spreiding aanbrengen zonder zelf allerlei losse aandelen te kopen.

ETF’s zijn populair omdat ze eenvoudig, transparant en vaak relatief goedkoop zijn. Voor veel beginnende beleggers vormen ze een logische eerste stap.

F

F

Begrippen met de letter F

Forward P/E De koers-winstverhouding op basis van verwachte winst.
+

De forward P/E kijkt niet naar de winst van het afgelopen jaar, maar naar de verwachte winst voor de komende periode.

Dat kan nuttig zijn bij groeibedrijven, maar het blijft wel gebaseerd op schattingen. En schattingen kunnen te optimistisch zijn.

Free cashflow De vrije kasstroom die overblijft na noodzakelijke investeringen.
+

Free cashflow is het geld dat een bedrijf overhoudt nadat het heeft geïnvesteerd om het bedrijf draaiende te houden. Dat geld kan worden gebruikt voor dividend, aandeleninkoop of schuldafbouw.

Voor veel beleggers is dit een belangrijke kwaliteitsmaatstaf.

Fiscale jaarruimte De fiscale ruimte om extra voor je pensioen in te leggen.
+

Jaarruimte is de fiscale ruimte die je in een jaar hebt om extra geld opzij te zetten voor je pensioen, vaak met belastingvoordeel. Dit is vooral relevant als je niet of beperkt pensioen opbouwt via je werkgever.

Voor veel mensen kan het benutten van de jaarruimte een slimme manier zijn om hun vermogen efficiënter voor later op te bouwen.

G

G

Begrippen met de letter G

Groeiaandeel Een aandeel van een bedrijf dat sterk moet groeien.
+

Een groeiaandeel is een aandeel van een bedrijf waarvan beleggers verwachten dat omzet en winst de komende jaren sterk zullen stijgen.

Daarom is de waardering vaak hoger. Het risico is dat de verwachtingen te hoog blijken en de koers dan hard kan reageren.

I

I

Begrippen met de letter I

Index Een mandje aandelen dat een markt of sector vertegenwoordigt.
+

Een index is een samengestelde graadmeter van een groep aandelen, zoals de AEX of S&P 500. Zo krijg je een beeld van hoe een markt of regio presteert.

Veel ETF’s volgen een index, waardoor je eenvoudig breed gespreid kunt beleggen.

Inflatie De stijging van prijzen in de economie.
+

Inflatie betekent dat producten en diensten gemiddeld duurder worden. Daardoor daalt de koopkracht van geld.

Voor beleggers is inflatie belangrijk omdat het invloed heeft op spaargeld, waarderingen, rente en bedrijfswinsten.

Intrinsic value De geschatte werkelijke waarde van een belegging.
+

Intrinsic value betekent de geschatte werkelijke of innerlijke waarde van een aandeel of bedrijf. Die waarde hoeft niet gelijk te zijn aan de huidige beurskoers.

Waarde-beleggers proberen bedrijven te kopen als de marktprijs lager ligt dan hun geschatte waarde.

K

K

Begrippen met de letter K

Koers-winstverhouding De verhouding tussen beurskoers en winst per aandeel.
+

De koers-winstverhouding, vaak P/E genoemd, laat zien hoeveel beleggers betalen voor 1 euro winst. Een hoge verhouding kan op groeiverwachtingen wijzen, maar soms ook op overwaardering.

Je moet deze ratio altijd in context bekijken. Een lage P/E betekent niet automatisch dat iets goedkoop is.

Koersdoel Een schatting van waar analisten een aandeel heen zien gaan.
+

Een koersdoel is een inschatting van een analist over waar een aandeel in de toekomst ongeveer zou kunnen staan.

Dat klinkt nuttig, maar koersdoelen zijn geen zekerheden. Voor langetermijnbeleggers is het vaak slimmer om meer te letten op waarde, kwaliteit en strategie.

L

L

Begrippen met de letter L

Large cap Een groot beursgenoteerd bedrijf.
+

Large cap betekent dat een bedrijf een grote beurswaarde heeft. Dit zijn vaak gevestigde namen met een volwassen bedrijfsmodel.

Ze groeien meestal minder hard dan kleinere bedrijven, maar kunnen wel stabieler zijn.

Limietorder Een order waarbij je een maximale koopprijs of minimale verkoopprijs instelt.
+

Met een limietorder bepaal je zelf de prijs waartegen je wilt kopen of verkopen. Je order wordt alleen uitgevoerd als de markt die prijs bereikt.

Dat geeft meer controle dan een marktorder, maar het nadeel is dat je order soms niet wordt uitgevoerd.

Liquiditeit Hoe makkelijk iets koopbaar of verkoopbaar is.
+

Liquiditeit laat zien hoe makkelijk je een belegging kunt kopen of verkopen zonder grote invloed op de prijs.

Bij zeer liquide aandelen is dat meestal eenvoudig. Bij kleine of weinig verhandelde aandelen kan het lastiger zijn.

M

M

Begrippen met de letter M

Marktorder Een order die direct tegen de best beschikbare prijs wordt uitgevoerd.
+

Met een marktorder koop of verkoop je direct tegen de beste prijs die op dat moment beschikbaar is. Dat is snel en eenvoudig.

Het nadeel is dat je minder controle hebt over de uiteindelijke prijs, vooral bij volatiele of minder liquide beleggingen.

Marktkapitalisatie De totale beurswaarde van een bedrijf.
+

Marktkapitalisatie is de beurskoers vermenigvuldigd met het aantal uitstaande aandelen. Zo zie je hoe groot een bedrijf op de beurs is.

Dat zegt iets over schaal, maar niet automatisch iets over kwaliteit of kansen.

Margin of safety Een veiligheidsmarge tussen prijs en geschatte waarde.
+

Margin of safety betekent dat je een aandeel het liefst koopt met een duidelijke korting ten opzichte van wat jij denkt dat het waard is.

Die veiligheidsmarge helpt om fouten in je analyse of onverwachte tegenvallers beter op te vangen.

Moat Een duurzaam concurrentievoordeel van een bedrijf.
+

Een moat is een duurzaam concurrentievoordeel dat een bedrijf beschermt tegen concurrentie. Denk aan sterke merken, netwerkeffecten, schaalvoordelen of hoge overstapkosten.

Bedrijven met een sterke moat kunnen hun winsten vaak langer beschermen en hebben daardoor vaak aantrekkelijkere kenmerken voor langetermijnbeleggers.

O

O

Begrippen met de letter O

Obligatie Een lening aan een overheid of bedrijf.
+

Een obligatie is in feite een lening die jij verstrekt aan een bedrijf of overheid. In ruil daarvoor ontvang je meestal rente.

Obligaties zijn vaak minder volatiel dan aandelen, maar hebben ook andere risico’s, zoals renterisico en kredietrisico.

P

P

Begrippen met de letter P

Passief fonds Een fonds dat meestal gewoon een index volgt.
+

Een passief fonds probeert niet slimmer te zijn dan de markt, maar volgt meestal gewoon een index. ETF’s zijn daar vaak een voorbeeld van.

Het voordeel is meestal eenvoud, transparantie en lagere kosten.

Pensioenbeleggen Beleggen voor later binnen fiscale pensioenregels.
+

Pensioenbeleggen is beleggen met geld dat je opzijzet voor later binnen de fiscale regels voor pensioen. Daardoor kun je vaak belastingvoordeel krijgen, maar het geld staat meestal wel vast tot je pensioenleeftijd.

Voor mensen met jaarruimte kan pensioenbeleggen aantrekkelijker zijn dan gewoon beleggen in box 3, afhankelijk van hun situatie en doelen.

Portefeuille Het totaal van je beleggingen samen.
+

Je portefeuille is het geheel van alle beleggingen die je bezit. Dus niet één aandeel, maar het totale plaatje.

Een goede portefeuille past bij je doelen, horizon en risico dat je echt kunt dragen.

Payout ratio Het deel van de winst dat als dividend wordt uitgekeerd.
+

De payout ratio laat zien welk deel van de winst een bedrijf uitkeert als dividend. Hoe hoger dat percentage, hoe minder ruimte er meestal overblijft voor investeringen of tegenvallers.

Een payout ratio moet je daarom altijd in context bekijken.

R

R

Begrippen met de letter R

Rebalancen Je portefeuille terugbrengen naar je gewenste verdeling.
+

Rebalancen betekent dat je je portefeuille weer terugbrengt naar de verdeling die je vooraf hebt gekozen. Bijvoorbeeld als aandelen veel harder zijn gestegen dan obligaties.

Zo voorkom je dat je ongemerkt steeds meer risico gaat lopen.

Rendement Wat een belegging je oplevert.
+

Rendement is wat je belegging oplevert, bijvoorbeeld via koersstijging, dividend of rente. Het gaat uiteindelijk om wat je onderaan de streep verdient.

Belangrijk is wel dat hoog rendement meestal samenhangt met meer risico of meer onzekerheid.

Risicoprofiel De mate van risico die bij jou en je situatie past.
+

Je risicoprofiel zegt iets over hoeveel schommelingen en onzekerheid bij jouw situatie passen. Dat hangt af van je doelen, horizon, kennis en emotionele draagkracht.

Een goed risicoprofiel is niet wat op papier stoer klinkt, maar wat je in slechte beursjaren ook echt volhoudt.

ROIC Het rendement dat een bedrijf haalt op het geïnvesteerde kapitaal.
+

ROIC staat voor Return on Invested Capital. Het laat zien hoe efficiënt een bedrijf winst weet te maken op het kapitaal dat in het bedrijf zit.

Een hoge en stabiele ROIC kan een teken zijn van kwaliteit en concurrentiekracht.

S

S

Begrippen met de letter S

Sector Een groep bedrijven die in dezelfde hoek van de economie actief zijn.
+

Een sector is een verzameling bedrijven die vergelijkbare producten of diensten leveren, zoals technologie, zorg of financiële dienstverlening.

Het helpt beleggers om bedrijven beter te vergelijken en om spreiding aan te brengen.

Small cap Een kleiner beursgenoteerd bedrijf.
+

Small caps zijn bedrijven met een kleinere beurswaarde. Ze hebben soms meer groeipotentieel, maar vaak ook meer risico en minder stabiliteit.

Daarom schommelen zulke aandelen vaak sterker.

Spreiding Het verdelen van risico over meerdere beleggingen.
+

Spreiding betekent dat je je geld over meerdere beleggingen verdeelt, zodat je minder afhankelijk bent van één aandeel of één sector.

Voor beginners is spreiding vaak een van de belangrijkste basisprincipes.

T

T

Begrippen met de letter T

Ticker De beursafkorting van een aandeel of ETF.
+

Een ticker is de korte beurscode van een aandeel, ETF of ander beursproduct. Daarmee kun je het snel terugvinden op een brokerplatform of koerspagina.

De ticker is handig, maar zegt natuurlijk niets over de kwaliteit van het bedrijf zelf.

Total return Het totale rendement inclusief koerswinst en uitkeringen.
+

Total return is het totale rendement van een belegging, dus inclusief koersstijging én ontvangen dividend of rente.

Dat geeft vaak een eerlijker beeld dan alleen naar de koersontwikkeling kijken.

V

V

Begrippen met de letter V

Volatiliteit De mate waarin een koers schommelt.
+

Volatiliteit laat zien hoe sterk koersen op en neer bewegen. Hoge volatiliteit betekent meestal grotere schommelingen in korte tijd.

Dat zegt niet automatisch iets over kwaliteit, maar wel iets over hoe onrustig een belegging kan aanvoelen.

W

W

Begrippen met de letter W

Waardeaandeel Een aandeel dat relatief goedkoop lijkt ten opzichte van de fundamentals.
+

Een waardeaandeel is een aandeel dat volgens beleggers relatief goedkoop is in verhouding tot winst, kasstroom, boekwaarde of andere fundamenten.

Dat kan een kans zijn, maar soms is een aandeel goedkoop met een goede reden. Daarom moet je altijd verder kijken dan alleen de ratio’s.

Winst per aandeel De winst van een bedrijf gedeeld door het aantal aandelen.
+

Winst per aandeel, vaak EPS genoemd, laat zien hoeveel winst er per uitstaand aandeel overblijft.

Deze maatstaf wordt veel gebruikt in waarderingen, maar moet je altijd samen bekijken met groei, kwaliteit en de kapitaalstructuur van een bedrijf.

Y

Y

Begrippen met de letter Y

Yield Het directe rendement van een belegging.
+

Yield betekent meestal het directe rendement, bijvoorbeeld dividendrendement bij aandelen of rente-opbrengst bij obligaties.

Een hoge yield klinkt aantrekkelijk, maar kan ook een teken zijn van hoger risico of lagere groeiverwachtingen.

Geen begrippen gevonden. Probeer een ander woord, zoals dividend, ETF, broker of box 3.
Winkelwagen