Inkomen uit beleggen: dividend, huurinkomsten en obligatierente uitgelegd

Dit artikel is onderdeel van: Dividend & inkomen

Veel mensen denken bij beleggen vooral aan koersstijgingen. Een aandeel wordt gekocht voor €50, stijgt naar €75 en levert winst op. Hoewel dat zeker een belangrijke manier is waarop beleggers rendement behalen, vertelt het slechts een deel van het verhaal.

Veel beleggingen leveren namelijk ook inkomen op terwijl je ze bezit. Dat inkomen kan afkomstig zijn uit bedrijfswinsten, huurinkomsten, rente op leningen of uitkeringen van fondsen. Voor sommige beleggers vormt dit inkomen een prettige aanvulling op hun salaris. Voor anderen is het een manier om vermogen verder te laten groeien door de ontvangen uitkeringen opnieuw te beleggen.

Om inkomen uit beleggen goed te begrijpen, is het belangrijk om eerst te begrijpen waar deze inkomsten eigenlijk vandaan komen.

Achter elke uitkering zit economische waarde

Een belegging is meer dan een koers op een scherm.

Een bedrijf verkoopt producten of diensten en maakt winst. Vastgoed genereert huurinkomsten. Overheden en bedrijven betalen rente op leningen die zij aangaan. Beleggingsfondsen ontvangen inkomsten uit de beleggingen die zij bezitten.

Al deze activiteiten creëren economische waarde.

De vraag is vervolgens wat er met die waarde gebeurt.

Soms blijft de waarde binnen de belegging om verder te groeien. Soms wordt een deel uitgekeerd aan de eigenaar. Op dat moment ontstaat inkomen uit beleggen.

Inkomen uit beleggen is dus geen aparte vorm van rendement. Het is één van de manieren waarop economische waarde uiteindelijk bij de belegger terechtkomt.

Dividend: inkomen uit bedrijfswinsten

De bekendste vorm van inkomen uit beleggen is dividend.

Wanneer een bedrijf winst maakt, kan het bestuur besluiten een deel van die winst uit te keren aan aandeelhouders. Deze uitkering noemen we dividend.

Niet ieder bedrijf doet dit. Sommige ondernemingen investeren vrijwel alle winst opnieuw in groei. Andere bedrijven hebben minder groeimogelijkheden en kiezen ervoor een deel van de winst terug te geven aan aandeelhouders.

Voor veel beleggers voelt dividend aantrekkelijk omdat het tastbaar is. Je hoeft geen aandelen te verkopen om toch geld uit je belegging te ontvangen.

Dividend vormt daarom voor veel beleggers een belangrijke inkomstenbron, vooral bij volwassen bedrijven met stabiele kasstromen.

Huurinkomsten: inkomen uit vastgoed

Ook vastgoed kan een bron van inkomen zijn.

Wie een woning verhuurt, ontvangt huurinkomsten van de huurder. Op de beurs werkt dit vergelijkbaar via vastgoedfondsen en REITs.

Deze ondernemingen bezitten vaak appartementen, zorgvastgoed, distributiecentra, kantoren of winkelcentra. Huurders betalen huur voor het gebruik van deze panden. Een deel van die inkomsten wordt vervolgens uitgekeerd aan aandeelhouders.

Hierdoor ontvangen beleggers indirect huurinkomsten zonder zelf vastgoed te hoeven kopen of beheren.

Het principe blijft hetzelfde: het vastgoed genereert huur en een deel van die economische waarde stroomt door naar de belegger.

Obligaties: inkomen uit rente en coupons

Een andere belangrijke bron van inkomen zijn obligaties.

Wanneer een overheid of bedrijf geld nodig heeft, kan zij een obligatie uitgeven. Beleggers lenen dan geld uit en ontvangen hiervoor een vergoeding.

Deze vergoeding noemen we rente of coupon.

Een obligatie met een nominale waarde van €1.000 en een coupon van 4% betaalt bijvoorbeeld jaarlijks €40 aan rente uit. Afhankelijk van de obligatie gebeurt dit jaarlijks, halfjaarlijks of op een andere vaste frequentie.

Dit inkomen verschilt van dividend.

Dividend komt voort uit eigendom van een bedrijf en kan stijgen, dalen of worden geschrapt. Een couponbetaling is meestal vooraf vastgelegd zolang de uitgever aan zijn verplichtingen kan voldoen.

Daardoor worden obligaties vaak gezien als een meer voorspelbare bron van inkomen dan aandelen.

Vastrentende producten

Naast obligaties bestaan er ook andere vastrentende beleggingen.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • deposito’s;
  • geldmarktfondsen;
  • staatsobligaties;
  • bedrijfsobligaties;
  • obligatiefondsen.

Deze beleggingen hebben gemeen dat de inkomsten grotendeels voortkomen uit rentevergoedingen.

Voor veel beleggers vormen vastrentende producten een belangrijk onderdeel van een defensieve portefeuille. Ze bieden vaak meer voorspelbaarheid dan aandelen, al zijn ze zeker niet risicoloos.

ETF’s en fondsen kunnen ook inkomen uitkeren

Veel beleggers investeren tegenwoordig via ETF’s of beleggingsfondsen.

Deze fondsen bezitten vaak honderden onderliggende beleggingen en ontvangen daardoor zelf dividend, huurinkomsten of coupons.

Sommige fondsen keren deze inkomsten vervolgens uit aan beleggers. Andere fondsen herbeleggen de inkomsten automatisch.

Bij een uitkerende ETF ontvangt de belegger periodiek geld op zijn rekening.

Bij een accumulerende ETF blijft het geld binnen het fonds en wordt het automatisch opnieuw geïnvesteerd.

In beide gevallen ontstaat economische waarde. Alleen de route verschilt.

Niet alle waarde wordt uitgekeerd

Een belangrijk inzicht is dat beleggingen niet altijd inkomen hoeven uit te keren om waarde te creëren.

Sommige bedrijven gebruiken hun winst om nieuwe producten te ontwikkelen, nieuwe markten te betreden of andere bedrijven over te nemen.

Andere ondernemingen kiezen ervoor om eigen aandelen in te kopen.

Wanneer een bedrijf eigen aandelen inkoopt, daalt het aantal uitstaande aandelen. Hierdoor vertegenwoordigt ieder overblijvend aandeel een iets groter belang in het bedrijf.

Voor aandeelhouders kan dit op lange termijn veel waarde creëren, zonder dat er dividend wordt uitgekeerd.

De waarde komt dan niet direct als inkomen binnen, maar wordt zichtbaar in de ontwikkeling van het bedrijf en mogelijk in een hogere winst per aandeel.

Inkomen en koersgroei zijn geen tegenpolen

Soms lijkt het alsof beleggers moeten kiezen tussen inkomen of groei.

In werkelijkheid vullen beide elkaar vaak aan.

Een bedrijf kan winst laten groeien én dividend uitkeren. Een vastgoedfonds kan huurinkomsten genereren én stijgen in waarde. Een ETF kan uitkeringen doen én profiteren van stijgende markten.

Daarom bestaat het totale rendement van een belegging meestal uit twee onderdelen:

  • inkomen;
  • koersontwikkeling.

Wie uitsluitend naar dividend kijkt, mist een deel van het verhaal. Maar wie alleen naar koersgroei kijkt, doet dat ook.

Succesvolle beleggers kijken uiteindelijk naar het totale rendement dat een belegging oplevert.

Waarom inkomen uit beleggen aantrekkelijk voelt

Naast financiële redenen speelt ook psychologie een rol.

Koerswinst blijft vaak abstract zolang een belegger niet verkoopt. Dividend, rente en andere uitkeringen zijn daarentegen direct zichtbaar.

Het geld verschijnt daadwerkelijk op de rekening.

Voor veel beleggers geeft dat een gevoel van voortgang. Ook tijdens perioden waarin de beurs tijdelijk daalt, kunnen inkomstenstromen blijven doorlopen.

Dat betekent niet dat inkomen automatisch veiliger is. Dividend kan worden verlaagd, vastgoedinkomsten kunnen onder druk komen te staan en obligaties kennen renterisico en kredietrisico.

Maar de zichtbaarheid van inkomen maakt deze vorm van rendement voor veel beleggers aantrekkelijk.

Wanneer wordt inkomen belangrijker?

De rol van inkomen verandert vaak gedurende het leven van een belegger.

Een jonge belegger richt zich meestal vooral op vermogensgroei. Iemand die richting pensioen gaat, kan juist meer waarde hechten aan stabiele inkomstenstromen.

Dat betekent niet dat groei onbelangrijk wordt. Wel verandert vaak de balans tussen groei en inkomen.

Daarom zien we dat veel pensioenportefeuilles relatief meer aandacht besteden aan dividendaandelen, obligaties, vastgoedfondsen en andere inkomensgerichte beleggingen.

De belangrijkste les

Dividend, huurinkomsten, rente en ETF-uitkeringen lijken op het eerste gezicht verschillende onderwerpen.

Toch hebben ze één belangrijk kenmerk gemeen.

Ze zijn allemaal manieren waarop economische waarde van een onderliggende activiteit uiteindelijk bij de belegger terechtkomt.

Een bedrijf maakt winst.

Een pand genereert huur.

Een lening betaalt rente.

Een fonds verzamelt inkomsten uit onderliggende beleggingen.

In alle gevallen ontstaat inkomen doordat waarde wordt doorgegeven aan de eigenaar van de belegging.

Conclusie

Inkomen uit beleggen ontstaat wanneer beleggingen een deel van hun economische opbrengst uitkeren aan beleggers.

Die inkomsten kunnen afkomstig zijn uit:

  • dividend van bedrijven;
  • huurinkomsten via vastgoedfondsen en REITs;
  • rente en coupons uit obligaties;
  • uitkeringen van ETF’s en beleggingsfondsen;
  • andere vastrentende producten.

Hoewel veel beleggers zich vooral richten op koersstijgingen, vormen deze inkomstenstromen een belangrijk onderdeel van het totale rendement.

Wie begrijpt waar deze inkomsten vandaan komen, kijkt anders naar beleggen. Niet alleen naar de hoogte van een uitkering, maar vooral naar de economische waarde die erachter zit.

Disclaimer: De informatie in dit artikel is bedoeld voor educatieve doeleinden en vormt geen individueel advies. Beleggen en financiële keuzes brengen risico’s met zich mee. Raadpleeg altijd een erkend financieel adviseur of belastingdeskundige voor je persoonlijke situatie.

Laat een reactie achter

Winkelwagen