McKesson is zo’n aandeel waar je makkelijk overheen scrolt. Geen hip AI-verhaal, geen bekend consumentenmerk, geen spannende reclames. En toch: als je de cijfers erbij pakt, zie je een bedrijf dat jaar in jaar uit indrukwekkend presteert.
In het laatste kwartaal draaide McKesson:
- een omzet van ongeveer 106 miljard dollar, zo’n 11% meer dan een jaar eerder
- een aangepaste winst per aandeel van rond de 9,34 dollar, een groei van ongeveer 16%
- een vrije kasstroom van ruim 1 miljard dollar in een enkel kwartaal
Voor het hele boekjaar verwacht het bedrijf nu een aangepaste winst per aandeel van circa 38,80–39,20 dollar, goed voor naar schatting 17–19% winstgroei ten opzichte van vorig jaar. En dat jaar in jaar uit.

En dat in een business waar de operationele marge vaak maar rond de 1 à 2% ligt. Hoe kan dat? En is dit nou een typisch geval van kwaliteit tegen een redelijke prijs?
Laten we het verhaal logisch en in samenhang neerzetten.
De stille spil in de zorgketen
McKesson is één van de grootste medicijndistributeurs ter wereld. Ze staan middenin de zorgketen: tussen farmaceuten aan de ene kant en apotheken, ziekenhuizen, klinieken en zorginstellingen aan de andere kant.
In simpele woorden: zonder bedrijven als McKesson komen medicijnen niet op tijd op de juiste plaats. Van generieke pillen tot extreem dure oncologiemiddelen. Overal zit wel ergens een magazijn, vrachtwagen of systeem van McKesson tussen.
Belangrijk is dat McKesson de afgelopen jaren is opgeschoven van pure groothandel naar een bredere rol. Ze verdienen steeds meer aan:
- de distributie van ingewikkelde, dure speciale medicijnen (vooral oncologie en andere complexe therapieën)
- dienstverlening aan artsenpraktijken en klinieken (administratie, praktijkvoering, ondersteuning)
- technologie rondom recepten, vergoedingen, voorraadbeheer en logistiek
Je koopt als klant dus niet alleen dozen, maar een mix van logistiek, kennis, processen en IT. Daar begint de kwaliteit van het bedrijf zichtbaar te worden.
Lage marge, hoge kwaliteit – hoe werkt dat?
Op papier lijkt het vreemd: een operationele marge in de orde van 1–2%, en toch spreken beleggers over McKesson als een kwaliteitsbedrijf en een “compounder”. Het antwoord zit in drie begrippen: schaal, moat en ROIC.
Wat is een moat: Wat is een “Moat” en waarom is het zo belangrijk?
Wat is het belang van ROIC: ROIC: de verborgen kracht achter écht sterke bedrijven
Schaal als fundament
McKesson draait per jaar honderden miljarden aan omzet. In het laatste kwartaal alleen al ruim 106 miljard dollar. Op dat niveau krijg je twee enorme voordelen:
- Je kunt scherper inkopen dan bijna iedere andere speler.
- Je kunt je logistiek en IT zó efficiënt organiseren dat de kosten per doos extreem laag worden.
Voor een kleinere speler zijn magazijnen, transport, systemen en personeel per eenheid simpelweg duurder. McKesson kan die vaste kosten verdunnen over een zee aan volume.
Zo wordt een marge van pakweg 1,5% ineens heel interessant: op 100 miljard omzet betekent dat al 1,5 miljard dollar operationele winst. Die schaal is niet zomaar na te bouwen. Dat is de eerste laag van de moat: een enorme, moeilijk te kopiëren infrastructuur.
De winst zit in de moeilijke hoek
De tweede laag van de moat zit in de specialismes. De echte winst komt niet van een doosje paracetamol, maar van de complexe, dure geneesmiddelen: oncologie, auto-immuunziekten, zeldzame aandoeningen.
Deze middelen zijn:
- streng gereguleerd
- logistiek uitdagend (koeling, traceerbaarheid, timing)
- administratief complex (autorisaties, vergoedingen, controles)
Juist daar groeit McKesson hard. Ze leveren niet alleen het medicijn, maar helpen artsenpraktijken en klinieken met het hele proces eromheen: administratie, contracten, vergoedingen, patiëntstromen.
Als jouw oncologiepraktijk volledig is ingericht op de systemen, processen en support van McKesson, stap je niet zomaar over naar een concurrent die net iets goedkoper levert. Je bent dan klant van een ecosysteem, niet van een doos. Dat is moat in de praktijk die moeilijk te verslaan is.
ROIC: wat levert elke euro eigenlijk op?
Dan komt het sleutelbegrip: ROIC – return on invested capital.
In gewone taal:
hoeveel rendement haalt McKesson op het kapitaal dat in het bedrijf zit?
Bij McKesson ligt die ROIC grofweg rond de 20–21%, met een gemiddelde over vijf jaar van ongeveer 18%. Dat zijn hoge cijfers, zeker voor een distributiebedrijf.
Dat vertelt je twee dingen:
- de investeringen – bijvoorbeeld in oncologie, specialty en IT – leveren echt wat op
- de marktstructuur en de moat zijn sterk genoeg om die rendementen vast te houden
Veel bedrijven slagen erin om omzet te laten groeien, maar branden ondertussen kapitaal op. McKesson groeit in omzet én weet per geïnvesteerde euro bovengemiddeld veel winst te maken. Precies het profiel van een kwaliteitscompounder.
Als we het laatste kwartaal in één beeld vangen:
- de omzet groeide met dubbele cijfers
- de winst per aandeel groeide nog harder dan de omzet
- de vrije kasstroom was ruim boven de miljard
- en het management voelde zich comfortabel genoeg om de winstverwachting voor het hele jaar op te trekken naar ongeveer 39 dollar per aandeel
Dat is geen eenmalige uitschieter, maar past in een lijn waarin de winst per aandeel al jaren stevig groeit. In verhouding tot die groei oogt de huidige waardering (ongeveer 21 keer de verwachte winst) bij een koers van circa 830 dollar eerder als “redelijke kwaliteitsprijs” dan als pure euforie.

Voor een defensieve groeier met een ROIC rond de 20% en dubbele-cijfer winstgroei is een waardering van 22–24 keer de winst heel goed te verdedigen.
Reken je dan met een voorzichtige vooruitblik op de winst (zeg 40–41 dollar per aandeel over 12–18 maanden), dan kom je uit op:
- onderkant: 22 × 40 ≈ 880 dollar
- bovenkant: 24 × 41 ≈ 980 dollar
Om het concreet te maken zou ik voor mezelf een indicatieve koersdoel-bandbreedte hanteren van ongeveer:
880–950 dollar per aandeel op een horizon van grofweg 12–18 maanden,
met een middenpunt rond 915 dollar als “redelijk geprijsde kwaliteit”.
Waar zitten de risico’s?
Tot nu toe lijkt het bijna te mooi, maar er zijn wel degelijk risico’s – en die horen bij dit soort bedrijven.
Dunne marges zijn genadeloos.
De schaal maakt McKesson sterk, maar ook kwetsbaar. Een kleine verstoring in de keten, een fout in de volumes of onverwachte prijsdruk kan door het enorme volume snel hard in de winst doorslaan. Je moet extreem strak blijven sturen.
Regelgeving en politiek.
McKesson opereert in een sector waar politiek en beleid een grote rol spelen. Discussies over medicijnprijzen, marges en winst in de zorg kunnen op termijn druk op het model zetten. Veranderende regels, strengere contracten met verzekeraars of overheidsingrijpen zijn reële risico’s.
Klantconcentratie.
Een deel van de omzet komt van grote zorgketens en belangrijke klanten. Dat is prettig voor stabiliteit, maar geeft die partijen ook onderhandelingsmacht. Een grote klant die nieuwe voorwaarden afdwingt, kan direct voelbaar zijn.
Reputatie en juridische dossiers.
Zorg is gevoelig terrein. McKesson heeft in het verleden te maken gehad met grote schikkingen rond de opioïdencrisis. Zulke dossiers kunnen lang naijlen, en nieuwe incidenten zijn nooit volledig uit te sluiten.
Technologische druk.
McKesson investeert zelf flink in technologie, maar er is altijd de vraag: blijft de regie in hun handen, of komen er op termijn nieuwe digitale spelers of platforms die delen van de keten slimmer of goedkoper organiseren? De huidige moat is breed – infrastructuur, relaties, data, processen – maar niet onaantastbaar.
Kwaliteit tegen een goede prijs – of een goede prijs voor iets “gewoons”?
Als je alles naast elkaar legt – schaal, moat, ROIC, winstgroei – voelt McKesson duidelijk als een kwaliteitsbedrijf in een saaie verpakking, niet als een doorsnee groothandel met geluk.
De huidige waardering rond een koers-winst van ongeveer 21 op de verwachte winst:
- is geen spotgoedkope koopjeshoek
- maar ook geen belachelijk dure hype
- past beter bij “een goede prijs voor een sterk bedrijf” dan bij “veel te veel voor middelmaat”
Je zou kunnen zeggen: dit zit stevig in de categorie zoals Buffett het zou verwoorden:
beter een kwaliteitsbedrijf tegen een redelijke prijs,
dan een middelmatig bedrijf voor een schijnbaar koopje.
Voor wie extra rendement zoekt, kan het interessant zijn om zelf een gewenste instapzone te bepalen, bijvoorbeeld bij een lagere multiple (zeg: hoge tien tot onderkant twintig). Maar zelfs op de huidige waardering is moeilijk vol te houden dat dit “gewoon een groothandel” is.
Hoort McKesson op je watchlist – en misschien in je portefeuille?
McKesson is geen aandeel waar je over opschept op een feestje. Maar het is wél een bedrijf dat je als lange-termijnbelegger serieus zou moeten overwegen.
Omdat het laat zien:
- dat lage marges niet betekenen dat een business slecht is
- dat een sterke moat en hoge ROIC veel belangrijker zijn dan een mooi verhaal
- dat defensieve sectoren en stevige winstgroei prima samen kunnen gaan
Of je nu direct instapt of niet: McKesson verdient op z’n minst een plek op je watchlist.
Als voorbeeld van hoe een kwaliteitsbedrijf in een weinig spectaculaire sector jaar in jaar uit waarde kan opbouwen. En als potentiële kanshebber op momenten dat de markt even schrikt en de prijs van kwaliteit tijdelijk naar beneden duwt.
Want uiteindelijk is dat misschien de belangrijkste les van McKesson:
de beste beleggingen zitten lang niet altijd in de bedrijven waar iedereen het over heeft, maar juist in de stille werkpaarden die zonder veel lawaai de economie laten draaien – en onderweg jouw vermogen laten meegroeien.
Disclaimer: De informatie in dit artikel is bedoeld voor educatieve doeleinden en vormt geen individueel advies. Beleggen en financiële keuzes brengen risico’s met zich mee. Raadpleeg altijd een erkend financieel adviseur of belastingdeskundige voor je persoonlijke situatie.

